Aandacht voor geweld tegen Congolese vrouwen
Volksvertegenwoordiger Sonja BECQ ondervroeg de Minister van Ontwikkelingssamenwerking donderdag over de verschrikkelijke situatie in Oost-Congo. Ze roept de regering en het parlement op om blijvend aandacht te hebben voor deze problematiek en de toekenning van ontwikkelingshulp te koppelen aan de resultaten op het terrein, vooral wat betreft de bescherming van vrouwen en meisjes in de Democratische Republiek Congo (DRC).
Vorige week werd bekendgemaakt dat een nieuwe studie zou aantonen dat het seksueel geweld tegen vrouwen en meisjes in de DRC nog hoger ligt dan tot nu toe werd aangenomen. Er is sprake van 1.152 verkrachtingen per dag in Congo – dat is bijna 1 per minuut! Academici stellen dat de eigenlijke cijfers nog hoger kunnen liggen omdat veel misbruikte vrouwen en meisjes geen aangifte doen uit schaamte, vanwege lokale taboes of omdat ze geen vertrouwen hebben in het Congolese rechtssysteem.
Afgelopen dinsdag was de Congolese gynaecoloog Denis Mukwege in ons land om de prijs voor Ontwikkelingswerk van de Koning Boudewijnprijs in ontvangst te nemen voor zijn inzet voor verkrachtingsslachtoffers in Oost-Congo. In een interview met De standaard verklaarde hij naar aanleiding van deze nieuwe cijfers dat hij geen statistieken nodig heeft om de ernst van de situatie te schetsen. Daarbovenop maken dit soort berichten hem woest omdat dergelijke cijfers de wereld niet tot actie aansporen.
Sonja BECQ: “Dr. Mukwege heeft gelijk. Ook in het parlement verdwijnen Congo en de situatie van de Congolese vrouwen en meisjes te vaak van onze radar. De aandacht voor het geweld op vrouwen lijkt vooral te komen in golven, in opflakkeringen. Onze oplettendheid verslapt te vaak en leidt te zelden tot doorgedreven acties.”
“Als juriste beangstigt mij het falen van de Congolese regering en haar administratie om deze problematiek eindelijk aan te pakken, alsook het feit dat het Congolese rechtssysteem niet in staat is de daders te vervolgen en de slachtoffers te beschermen. De vraag lijkt ons dan ook vooral te zijn hoe lang België het uitblijven van echte resultaten en vooruitgang nog zullen aanvaarden."
De Minister antwoordde dat de strijd tegen het seksueel geweld en de versterking van de positie van de vrouw deel uitmaakt van het samenwerkingsprogramma met de DRC. Daarnaast beloofde hij dat België zijn pleidooi bij de Congolese regering zal herhalen. Toch gaf hij ook toe dat er nog belangrijke stappen moeten worden gezet en dat hij daarbij rekent op de internationale druk op het land.
Volksvertegenwoordiger BECQ gaat akoord dat de ontwikkelingssamenwerking wordt verdergezet en dat we on speaking terms blijven met het land. Tegelijkertijd moet de Belgische en internationale druk hoog genoeg blijven, opdat de stabiliteit verzekerd wordt. Niet alleen ten gunste van vrouwen en meisjes, maar voor alle inwoners van het Afrikaanse land.

